1. Eerst meten, dan pas kiezen
We zijn gestart met een opmeting ter plaatse: de breedte van de doorgang, de opbouw van de vloer, de positie van de schuifdeuren, de kassa-opstelling en mogelijke storingsbronnen in de buurt. Die gegevens bepalen hoeveel gangen er nodig zijn en welke technologie zinvol is, niet omgekeerd.
2. De juiste technologie voor dit assortiment
Voor het assortiment van PointCarré, kleding, jeans, accessoires, kozen we voor dezelfde technologie zodat de klant geen grote aanpassingen moesten doe aan hun tags. De metaal detectoren zijn verder onderhouden na correcte test. In totaal plaatsten we 2 poorten aan de centrale doorgang, zo gepositioneerd dat er geen detectiegat overblijft in de brede doorgang.
3. Plaatsing zonder de winkel te sluiten
De oude poortjes werden weggenomen om te recycleren en de nieuwe geplaatst en ingeregeld met minimale hinder voor de winkelwerking. Op de foto's zie je het moment waarop de nieuwe zwarte poortjes al stonden en de oude acrylpoortjes op verdwijnen stonden.
4. Afregelen en deactivatie nakijken
Een detectiepoortje is maar zo goed als de rest van de keten. We hebben de gevoeligheid correct ingeregeld en de deactivatie aan de kassa mee nagekeken, want een deactivator die niet goed werkt, is de vaakst voorkomende oorzaak van vals alarm bij betalende klanten.
5. Afspraken met het team
Tot slot overliepen we met het winkelteam wat er gebeurt als het alarm afgaat en wat je in België wel en niet mag doen. Vriendelijk vragen om een tas te tonen mag; zelf fouilleren mag niet. Een duidelijke afspraak van een paar regels doet vaak meer dan de installatie zelf.